AI-samenvatting met bronnen · 3 min · editie 2027
Het fietsparcours van de 70.3 in Vitoria-Gasteiz: 90 golvende kilometers waar de wind de race beslist
Eén ronde door Álava, beperkt hoogteverschil maar een nerveus profiel: zo stel je je pacing, verzet en wielen in om met frisse benen aan de halve marathon te beginnen.
Wat je te wachten staat
90 km in één ronde door Álava, langs dorpjes, open platteland en stukken die de Camino de Santiago kruisen. Het profiel is golvend, niet voor klimmers: geen lange beklimmingen, maar kuitenbijters, vals plat en constant herversnellen. Over het hoogteverschil zijn de bronnen het niet eens: één vermeldt circa 500 hoogtemeters als eerste schatting die nog bevestigd moet worden, andere bronnen gaan tot circa 650 m. Het verschil verandert niets aan het karakter van het parcours, maar wel aan je tijdsberekening. Het definitieve cijfer komt met de officiële kaart van 2027: gebruik die zodra hij uitkomt en herbereken je targets.
De echte tegenstander: de wind
Het platteland van Álava ligt open. Op winderige dagen wordt het fietsen veel zwaarder dan het hoogteverschil doet vermoeden, en de parcoursinfo wijst juist de open stukken aan als het kritieke punt. Twee praktische gevolgen. Ten eerste: train je aeropositie met zijwind, en als je dat niet gewend bent, vermijd dan een voorwiel met heel hoge velg. Ten tweede: accepteer dat je gemiddelde snelheid flink schommelt tussen stukken mee- en tegenwind. Jaag niet op het gemiddelde van je fietscomputer: stuur op vermogen of op gevoel.
Pacing: de regel van de eerste 30 km
Je komt uit een zwemonderdeel in kalm zoet water, zonder stroming of golven, dus met frisse benen. De eerste kuitenbijters nodigen uit om te drukken. Doe het niet. Op een golvend parcours betaal je elke uitschieter boven drempel volledig terug in de halve marathon, die je loopt in de hitte van het stadscentrum met maxima die volgens één bron oplopen tot 33 °C. Concrete targets: rij je met een vermogensmeter, houd de klimmetjes dan onder circa 110% van je beoogde gemiddelde vermogen en herstel bovenaan in plaats van direct door te versnellen. Rij je op gevoel: hijg je bovenaan een klimmetje, dan heb je overdreven. Voor een doel van sub 5:30 staat de fietsonderdeel voor circa 2:50; voor een relaxte finisher is 3:15 een eerlijke richtlijn. Beter 3 minuten verliezen op de fiets dan 15 in het lopen.
Verzet en materiaal
Met 500-650 hoogtemeters verdeeld over 90 km heb je geen bergverzet nodig, maar met een 11-30 of 11-32 cassette rijd je de klimmetjes zittend op, met hoge cadans, zonder vermogenspieken. Wielen met middelhoge velgen zijn een goed compromis tussen aerodynamica en beheersbaarheid bij zijwind. Neem twee bidons mee: de julihitte maakt de verzorgingsposten belangrijk, maar de exacte locatie en het aantal posten zijn voor 2027 nog niet bevestigd en moeten gecheckt worden in de officiële atletengids. Plan je voeding niet op basis van verzorgingsposten die je niet hebt geverifieerd.
Wat je nu moet doen
- Sleuteltest: een lange rit van 2u30-3u op golvend terrein, de laatste 40 minuten op wedstrijdtempo, gevolgd door 20-30 minuten lopen in opbouw. Zakt het lopen daarna in, dan is je fietstempo te hoog.
- Windtraining: zoek bewust winderige dagen op en blijf in aeropositie. Het is een vaardigheid, geen geluk.
- Materiaalkeuze: kies je cassette en wielen minstens een maand van tevoren en race met wat je hebt getest.
- Zodra de kaart van 2027 uitkomt: check het werkelijke hoogteverschil, de open stukken en de verzorgingsposten, en pas je vermogensplan aan.
Zo'n parcours beloont wie constant rijdt en straft wie bij elk klimmetje versnelt. De race win je, of verlies je, in je hoofd in de eerste 30 km.